Uden staat van oudsher bekend als kersendorp. De
"Udense Zwarte", "Udense Spaanse" en
later ook de "bastaard Dikke" zijn wijd en zijd befaamd.
Deze historie gaat terug tot voor de eeuwwisseling van de 19e
naar 20ste eeuw.
In die tijd bracht de oogst nog weinig geldelijk gewin voor de
plaatselijke bevolking. Een groot deel van de oogst ging op aan de
kersenvisites van familie en kennissen en de rest werd meestal verkocht
aan kleinhandelaren voor (de veel te lage) prijzen van 7 à 8 cent
per kilogram. In 1903 kwam men onder initiatief van Dhr. Jan Strik tot de
oprichting van de Veilingvereniging "Algemeen Belang". Op de foto het eerste
bestuur v.l.n.r. J.v.d.Heijden, Frans Hermans, W.v.d.Heijden. Jan Strik,
W.v.d.Heijden-Terneuzen, Jos. Coenen, Stephanus v.d. Putten.
Het nut werd direct bewezen want de prijs in het eerste jaar -
waarin de oogst overigens bijna totaal mislukte, was al gemiddeld
30 cent per kilogram bij een aanbod van 13.971 kg. Het volgende jaar
was er een overvloedige oogst met een totaal aanbod van 108.895 kg
en een gemiddelde prijs van 13 cent per kg. De veiling is tot 1920
particulier initiatief en sindsdien eigendom van de Boerenbond N.C.B.
Dat de "Udense Zwarte" befaamd was mag wel blijken uit het
feit dat onder de kopers niet alleen de grote fruitfabrieken uit de Betuwe
maar ook exporteurs naar Duitsland en Engeland waren.
Het moet in de lente een schitterend gezicht zijn geweest, als al
deze bomen tegelijk getooid waren met hun weldadige bloesemtooi. Uden
puilde uit van de kersenboomgaarden en losse kersenbomen. Bij een tellingn
in het begin van de 20ste eeuw kwam men tot een totaal van 8.587 bomen in de
gemeente Uden, waarbij de grootste boomgaarden meer dan 300 bomen bevatten.
Hiermee nam Uden een unieke plaats in binnen de kersenteelt in Noord-Brabant.
In 1935 bevatte de Udense kersenteelt 297.000 kg (a 15,35 cent), dit was bijna
tweederde van de totale Brabantse productie van 460.000 kg. Verder was op dat moment
de Nederlandse kersenteelt bijna geheel geconcentreerd in de Betuwe en Zuid-Limburg.
Na de Tweede wereldoorlog werd er een nieuwe dimensie aan de Udense kersencultuur toegevoegd.
Op 7 juli 1946 werden de eerste, nog niet officiële, Udense Kersenfeesten georganiseerd,
waarbij Harmonie "De Eendracht" een vooraanstaande rol speelde. Verder werd door
wandelsportvereniging "De Doorzetters" de eerste Udense Kersentocht gehouden. Deze
wandeltocht is in later jaren steeds verder uitgegroeid en voor elke deelnemer die de tocht
had voltooid, lag er na de finish "unne tuut kerse" (=puntzak met kersen) klaar.
In 1949 kregen de "Udense Kersenfeesten" onder invloed van Burgemeester
Van Kemenade en enkele Kruisheren een officieel karakter. De presentatie van het
kersendorp Uden naar buiten toe ging gelden als belangrijkste doelstelling. In een
gloedvol betoog stelde de Burgemeester het als volgt: "Geen liefdadigheidsfeest"
dus geen bedoeling van amusementshouders of kermisexploitanten om de bezoekers eens flink
te laten betalen, geen bedelpartij, maar presenteren, het aanbieden van iets moois en goeds!
En door de medewerking van de gehele Udense bevolking werd er in de vijftiger jaren
"iets moois en goeds" opgebouwd. De Udense Kersenfeesten trokken al spoedig
tienduizenden bezoekers en de kersencultuur bloeide als nooit tevoren. Het publiek genoot
van attracties zoals ballet, toneel, poppenkast en turndemonstratie van de K.P.J. Het geheel
werd omlijst met gezellige muziek, een dansvloer en kraampjes om de inwendige mens te verwennen.
Een van de hoogtepunten moet het optreden van het beroemde mannenkoor "De Maastreechter Staar"
zijn geweest, die in 1952 vanwege de ongekende hitte voor het eerst in hun 70-jarige
geschiedenis niet in rokkostuum maar gewoon in het overhemd een optreden verzorgde.
Het symbool van de Udense Kersenfeesten was "Peerke Verschiet"; een metershoge vogelverschrikker die hoog boven het feestterrein uittorende. Verder werd er elk jaar opnieuw een plaatsgenote bekroond tot Kersenkoningin "Ceres".
In 1960 werden de laatste Kersenfeesten georganiseerd. Letterlijk ten onder gegaan aan het eigen succes. "Het organisatiecomite" acht het door de hoge bezoekersaantallen niet langer verantwoord deze feesten te organiseren." Aldus de officiële verklaring.
In het begin van de zestiger jaren ging het vervolgens snel bergafwaarts met de Udense kersencultuur. Door de verdergaande industrialisatie onder impuls van Burgemeester Van Kemenade was er meer en meer grond nodig voor de woningbouw. Deze uitbreidingen gingen steeds verder, dikwijls ten koste van de kersenboomgaarden. Het definitieve einde werd in 1964 ingeluid door het rooien van de kersenboomgaarden van Van Mulekom op de plaats waar korte tijd later de flats worden gebouwd.
De laatste stuiptrekkingen van onze uitstervende kersencultuur zijn dan nog de jaarlijkse "Kersenmarsen" met "unne tuut kerse" na de finish, doch ook deze zijn inmiddels reeds lang vergane glorie.
In de tachtiger jaren als de hang naar nostalgie groter wordt, komen de eerste stemmen op om een nieuwe kersenboomgaard aan te planten en in 1993 worden onder de bezielende leiding van Leon de Bie de Kersenfeesten nieuwe stijl zelfs letterlijk nieuw leven ingeblazen. Met een opblaasbare "Peerke Verschiet" die alleen qua afmetingen aan het vroegere symbool doet denken. Het blijkt slechts een opleving van korte duur. De goede wil is er wel onder de oudere Udense bevolking maar de tijden zijn veranderd.
Uden heeft geen kersencultuur meer en het nostalgische gevoel leeft slechts voort in allerlei namen en opschriften en de bewaard gebleven foto's van weleer.
|

















|
Top
|

Oprichter archief Luciën Bressers sr. 1917-1991 |
| |

Huidige beheerder archief Luciën Bressers jr. 1956-? |
|